Zangbundel Joh. de Heer

Samensteller van de zangbundel was een kleurrijke evangelist die handelsgeest en belangstelling voor muziek goed wist te combineren. Al op zijn dertiende had Johannes de Heer een baantje als jongste bediende in de muziekhandel Lichtenauer in Rotterdam, de stad waar hij in 1866 was geboren. Van zijn ouders kreeg hij een 'klein serafien-orgeltje’ waarop hij zichzelf, zo goed en kwaad als het ging, leerde spelen. Erg tevreden over zijn prestaties als organist was hij niet. Hij noemde zichzelf 'een matig dilettantje zonder meer’ en een 'derderangs technicus’. Als zakenman boekte hij meer succes. Zijn muziekwinkel Joh. de Heer werd een begrip in Rotterdam...

In het voorwoord bij de uitgave lezen we het volgende: Ter gelegenheid van het 50-jarig jubileum van de Zangbundel werd bij elke muziekuitgave een kleine brochure beschikbaar gesteld met enige historische notities. Het leek mij goed, hieruit een uittreksel als 'voorwoord' op te nemen.

Een wonderlijke roeping
Het kan geweest zijn in het vroege voorjaar van 1903, dat ik bij het bijbellezen tijdens de maaltijd bijzonder werd bepaald bij de woorden van 1 Kon. 5:23: Ik zal het op vlotten over de zee doen voeren…. En gij zult het wegnemen; gij zult ook Mijn wil doen, dat gij Mijn huis spijze geeft.
Telkens als ik weer aan die woorden dacht, was het alsof een stem er bij zeide: "Die tekst geldt jou." Nu ben ik in dit opzicht nogal nuchter aangelegd. Ook kwam het wel meer voor, dat sommige Schriftgedeelten in het bijzonder tot mijn ziel spraken, maar zoals dat nu was, was het toch iets geheel anders. Het kwam ook helemaal niet als een vertroosting tot mij, doch veel meer als een last, waaraan ik gevolg moest geven.
Zou ik naar Engeland moeten om iets te gaan halen? Zo dacht ik. Misschien is daar wel een of ander muziekinstrument uitgevonden, waarmede ik veel geld kan verdienen om het evangelisatiewerk te steunen, m.a.w. 'om Zijn huis spijze te geven." Die eigengevonden oplossing scheen mij nu zo helder als de dag. Ik pakte dan ook direct mijn koffer, verklaarde mijn plannen aan mijn vrouw, die er niet veel heil in zag, en stak over naar Engeland, vol moed en verwachting van hetgeen ik vast geloofde dat komen zou. Dag aan dag liep ik door de straten van Londen, zorgvuldig de winkels afneuzende en daarbij telkens verwachtende, dat ik plotseling het gewenste zien zou. Maar het gewenste kwam niet, en na acht dagen stond ik weer in Rotterdam. Op de vraag van mijn vrouw, hoe het gegaan was, was mijn antwoord: "ik begrijp er niets van. Ik weet toch zeker, dat ik iets van over zee moet wegnemen. Maar het is ook niet gezegd, dat ik het in Engeland moet zoeken; van over-de-zee kan ook evengoed in Amerika zijn."
'Dat is waar," - zei mijn vrouw heel nuchter - 'en het zou ook Afrika of Australië kunnen zijn." Ik begreep haar bedoeling en zag nu ook maar af van verdere plannen om het "in-vlotten-van-over-de-zee te halen". Langzamerhand begon ik de hele tekst te vergeten.
Op zekere dag bevond ik mij weer in Londen en ging daar als gewoonlijk eens snuffelen in de Paternoster Row, de bekende buurt waar bijna huis aan huis boekwinkels zijn. Voor een winkelraam ontdekte ik een muziekbundel: "Victory Songs", bevattende 801 liederen en koren, gecartonneerd voor fl. 1,50.
Dadelijk besloot ik om een Zangbundel samen te stellen voor Nederland. God had mij geleid en in dit smalle straatje gevoerd, opdat ik dit plan over-de-zee naar huis zou kunnen meenemen.
Nadat dit plan nog wat in mijn hoofd gerijpt werd, ging ik direct in het voorjaar 1903 over tot de daad. Het werd een bundel met een 50-tal bekende Psalmen en Gezangen, 50 Sankey-liederen, 50 liederen van het Leger des Heils,
Zondagschoolliederen en verder eenvoudige oude en nieuwe evangelisatieliederen en kleine koren, in totaal 673 nummers.
Met bekwame spoed zette ik door. Er zat een heilig moeten achter, een drang die ik zelf niet goed begreep. Ik was er als het ware dag en nacht mee bezig, totdat eindelijk in de laatste dagen van december 1903 de laatste hand was gelegd aan de kopij. Pas later verstond ik waarom dit alles zo haastig moest geschieden.

Het visioen op de wand van een kerk
In het najaar van 1904 kwamen uit Engeland berichten over een geestelijke opwekking in Wales. Die berichten waren zo aantrekkelijk, dat ik verlangde er zelf naar toe te gaan en spoedig was de weg voor mij vrij. Op 17 februari 1905 ging ik met enige vrienden vanuit Vlissingen naar Londen en vandaar verder naar Wales.
Op een avond zat ik met mijn vriend T. van Essen in een opwekkingssamenkomst in een kerk, ik meen te Briton Ferry. Terwijl alles om mij heen een goddelijke voortgang had en niemand iets bespeurde - zie ik plotseling dat er vlak tegenover mij, op de witte muur in vlammende letters iets geschreven wordt, op dezelfde wijze als dat bij lichtreclames geschiedt, als de ene vurige letter na de andere verschijnt en een woord of zin vormt.
Ik lees wat er staat, en tot mijn verbazing zie ik de sinds ongeveer twee jaar vergeten tekst: "Ik zal ze op vlotten van over-de-zee voeren…. En gij zult het wegnemen; gij zult ook Mijn wil doen dat gij Mijn huis spijze geeft".
Niemand zag het dan ik. Ik stootte onmiddellijk Van Essen aan en zeide: "Zodra we thuis zijn, moet ik je iets bijzonders zeggen."
Thuis gekomen, vertelde ik hem de hele geschiedenis. Nu was mij de zaak klaar als de dag. God Zelf had de verklaring van 1 Kon. 5:9 gegeven. Geestelijke spijze moest ik van-over-de-zee wegnemen om in Nederland uit te delen.

De zangbundel begint zijn loop
De bron van opwekkings-zegeningen vloeide op wonderbare wijze. De juist-verschenen Zangbundel bleek daarbij (voor het eerst in een conferentie te Hilversum) een van Gods instrumenten te zijn en is zulks sindsdien ook gebleven. De eerste uitgave met muziek telde 5.000 exemplaren. Met de thans verschenen 18e uitgave is het totaalcijfer gestegen tot 185.000. Van de tekstuitgaven zijn in de loop der jaren reeds 640.000 exemplaren verschenen.

Door de gehele geschiedenis van de Zangbundel loopt de draad van Gods leidingen. Daarom zie ik dan ook met grote dankbaarheid terug op de taak, die God mij hierin opdroeg, alsmede op de zegeningen, die ik er in mijn bijna 89e levensjaar nog steeds van mag aanschouwen.

Driebergen, Voorjaar 1955.

Johannes de Heer


53 nieuwe liederen toegevoegd aan 100-jarige zangbundel Joh. de Heer

In 2004 verscheen een nieuwe Joh. de Heer-zangbundel. Een jubileumbundel, met daarin inmiddels 1011 liederen. Het was in 2005 een eeuw geleden dat de eerste bundel, met destijds 675 liederen, verscheen. In de loop der jaren is de bundel diverse malen aangepast en uitgebreid. Johannes de Heer (1866 – 1961) kwam in 1896 tot een levend geloof en kwam terecht bij de Rotterdamse stadsevangelisatiekring ’Jeruël’. Daar viel het hem al snel op dat een geschikt liedboek ontbrak en hij besloot die zelf samen te stellen. In mei 1905 publiceerde hij zijn eerste Zangbundel ten dienste van huisgezin en samenkomsten, met daarin een aantal psalmen en zondagsschoolliederen. Maar de hoofdmoot werd gevormd door zogenoemde ’gospel hymns’, die vanuit Amerika, Engeland en Wales in Nederland waren beland.
In de ’opwekkingsliederen’ in zijn zangbundel werd sterk de nadruk gelegd op de bekering van elke individuele zondaar en op een persoonlijke relatie met Christus. De artistieke vorm telde voor hem minder, het ging hem om de prediking van het Evangelie. Daardoor bleef de bundel inhoudelijk in literair en muzikaal opzicht nog wel eens onder de maat. Al spoedig kwam hem dat op gepeperd commentaar van de zijde van theologen en musicologen te staan. Maar hij had aan die kritiek geen boodschap. De bundel was gericht op ’de eenvoudigen’, werd hij niet moe te verklaren. ”Gods kudde bestaat niet uit giraffen, maar uit schapen die Zijn hand wil weiden. U hangt echter de korf met voedsel zó hoog dat een eenvoudig schaap er onmogelijk bij kan”, wierp hij zijn critici voor de voeten. De eerste druk van wat al spoedig de Joh. de Heerzangbundel zou gaan heten, dateerde uit 1905 en bevatte 675 liederen. De bundcel beleefde tientallen herdrukken, keer op keer met tal van wijzigingen omdat De Heer rekening hield met de wensen en opmerkingen van de gebruikers. In de loop der jaren werden er liederen aan toegevoegd en werden anderen weer uit de bundel gehaald. Maar nimmer telde de bundel zoveel liederen – meer dan duizend – als de onlangs verschenen versie. Peter Grasmeijer van Unisong (de huidige uitgever van de bundel) overhandigde tijdens de toogdag van Het Zoeklicht het eerste exemplaar van de nieuwe bundel aan Joop de Heer, kleinzoon van Johannes de Heer. Inmiddels zijn van de Joh. de Heerzangbundel in de loop der jaren meer dan één miljoen exemplaren verkocht, terwijl daarnaast een dikke 300.000 muziekbundels (met noten).